Dr. J.G. Defares

Dr. J.G. Defares

In 1966 werd Dr. J.G. Defares benoemd tot bijzonder hoogleraar in de mathematische antropobiologie (biomathematicus) namens het Leids Universiteits Fonds (LUF), een multidisciplinaire instelling van de Leidse Universiteit, die bijzondere hoogleraren aanstelt, onder wie een aantal beroemde fysici, zoals o.a. Albert Einstein (1920) en Hendrik Casimir, directeur van het vermaarde Nat Lab van Philips, Eindhoven.

Hoogleraar en biomathematicus

Defares werd door de Leidse Medische Faculteit met algemene stemmen voor deze positie voorgedragen en was daarmee op 39-jarige leeftijd de jongste hoogleraar in het 400-jarige bestaan van de Leidse Medische Faculteit .

Aangezien de betrokken faculteit statutair elke vijf jaar moet beslissen of het hoogleraarschap namens het LUF al dan niet verlengd wordt, vond in 1972 een stemming plaats van de voltallige medische faculteit. Traditioneel is dit een formaliteit. Terwijl vijf jaar eerder de benoeming van Dr. Defares met algemene stemmen was bekrachtigd, gebeurde dit in 1972 slechts met een krappe meerderheid.

120 jaar jong


De publicatie van zijn wetenschappelijke boek ‘The Control of Aging and its Diseases’ (1970), waarin hij de mogelijkheden besprak om het verouderingsproces te vertragen en de levensduur tot 120 jaar te verlengen, werd internationaal goed ontvangen maar door een aantal Leidse collega’s veroordeeld. ’120 Jaar: pure kwakzalverij’. Een andere biomathematicus, de geneticus en gerontoloog uit Cambridge, Aubrey de Grey, stelt in zijn in 2007 verschenen boek ‘ENDING AGING’ dat de mens in de 21ste eeuw minstens 240 jaar kan worden.

Wat was er tussentijds gebeurd?

Controverse

Terwijl vijf jaar eerder de benoeming van Dr. Defares met algemene stemmen was bekrachtigd, gebeurde dit in 1972 slechts met een krappe meerderheid.

Wat was er tussentijds gebeurd? Was het wetenschappelijke werk van Dr. Defares onder de maat?

Nee, het probleem was van geheel andere aard: Defares had in een publicatie gewaarschuwd voor de gevaren van de anticonceptiepil, destijds het belangrijkste product van Organon.

Een korte toelichting is hier vereist:

Dr. Defares is ‘veel meer’ dan Biomathematicus. Hij was als fysioloog verbonden aan het fysiologisch laboratorium te Leiden, ontwikkelde in zijn privé laboratorium in Leiden, in samenwerking met biochemici, nieuwe testmethoden, had een mini-huisartsenpraktijk en was actief op het terrein van de gerontologie (de leer van de veroudering). In 1969 verscheen zijn boek “The Control of Aging and its Diseases”. In de Sunday Times (1973) noemde Nobelprijswinnaar professor McFarlene Burnet met instemming Defares’ bijdragen op dit terrein. Voor de faculteit ontpopte Defares zich echter als een ‘lastpak’. “Briljant, maar lastig, lastig!” zei een Leids hoogleraar in een interview.

Defares’ intellectuele onafhankelijkheid was deels het gevolg van zijn financiële onafhankelijkheid. Zoals een biografische schets het uitdrukte, was Defares, die sinds 1960 toereikende inkomsten ontving uit zijn investeringen en andere buitenuniversitaire activiteiten, in feite een ‘intellectuele hobbyist’ die primair universitair werkte omdat hij het leuk vond (‘because he enjoyed it’), niet voor zijn boterham. In deze intellectuele en financiële onafhankelijkheid lag tevens de kern van het probleem: Defares bemoeide zich als biomathematicus met zaken die hem ‘geen donder aangingen’, hetgeen hem door een aantal klinische hoogleraren uiterst kwalijk werd genomen.
[lees verder]

De anticonceptiepil

Defares was op basis van biochemische argumenten en gepubliceerde gegevens tot de conclusie gekomen dat het langdurig gebruik van de anticonceptiepil zou kunnen leiden tot versnelde biologische veroudering en tot een verhoogd risico van trombose en hart- en vaatziekten. Hij had het stuk aangeboden aan het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde ter plaatsing in de rubriek ‘Ingezonden stukken’.

Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde

De hoofdredactie, overtuigd van het grote medische belang van het stuk, plaatste het echter als hoofdartikel. Daarmee had je de poppen aan het dansen. Er ontstond een enorme opschudding, zowel in medische kringen als in de media, bij het publiek en internationaal. De ‘boosdoener’ in dit drama van homerische proporties was in feite niet Defares, maar de redactie van het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde. Was het artikel bij ‘ingezonden stukken’ geplaatst, dan had er geen haan naar gekraaid.

Er verschenen binnen de kortste tijd honderden artikelen over dit thema in binnen- en buitenland. In de arena ‘Ingezonden stukken’ van het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde werd Defares van alle kanten hevig aangevallen, deels onder regie van professor E.M. Tausk, president-directeur van Organon en andere hoogleraren met nauwe banden met de farmaceutische industrie, onder wie de Leidse professor dr. E.L. Noach. Iedere aanval eiste een antwoord. Volgens onpartijdige waarnemers won professor Defares met glans het marathondebat op de pagina’s van het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (1966-1967) dat door de media wekelijks als gefundenes Fressen op de voet werd gevolgd en grote koppen opleverde. De meest gedenkwaardige kop is wellicht ‘Professor Defares in de clinch met het Grootkapitaal’ van het communistische dagblad De Waarheid.

Plotseling werd Defares een verbod opgelegd om colleges te geven aan derdejaars medische studenten. Zijn theorieën zouden een slechte invloed kunnen uitoefenen. Het researchbudget van zijn afdeling voor de aanschaf van een massaspectrometer ter waarde van twee ton werd zonder opgave van redenen geblokkeerd. Eén dag voordat hij in een Tv-programma zou verschijnen werd de kraan weer opengedraaid. De aanvallen op zijn persoon en karakter waren niet van de lucht. Om zijn eer en goede naam te verdedigen spande Defares een proces wegens smaad aan tegen de redactie van het blad van de NVSH (Nederlandse Vereniging voor Seksuele Hervorming), een vereniging met nauwe banden met de farmaceutische industrie. Defares werd door het hof op alle punten in het gelijk gesteld. Enkele jaren later werden alle voorspellingen en beweringen in het Defares–artikel door officiële instanties en onderzoekingen bevestigd, inclusief het verhoogde risico van trombose, hoge bloeddruk, aderverkalking en versnelde bio-veroudering. Aangezien de versterkte bio-veroudering tengevolge van de anticonceptiepil zwakker is dan bij rokers, wordt dit verschijnsel in medische kringen niet ernstig genomen.

Lees ook: De ‘pil kwestie’ van 1967: David versus Goliath.

Op de vraag van de journalist Willem Smit wat zijn grootste ambitie is, antwoordde Defares: ‘Vitaal blijven tot 120′.

Deze pagina is voor het laatst gewijzigd op: 16 augustus 2011